'Verhuren is een vak dat wij tot kunst verheffen'
Tijdens een reis door Amerika begin jaren tachtig doet de 18-jarige Pierre Boels (1962) het idee op voor partyverhuur. Merkt tijdens de Golfoorlog in 1992 dat feesten en partijen als eerste worden geschrapt als het even slechter gaat met de economie. Machineverhuur blijkt minder gevoelig voor economische grillen. Het bedrijf in Sittard verlegt deels de koers en investeert fors in (bouw)machines, van boorhamers tot gigakranen. Ontwikkelt nieuwe concepten, zoals het shop-in-shopverhuurconcept, dat inmiddels in meer dan duizend bouwmarkten in Europa is geïntroduceerd. Het maakt Boels (vijftienhonderd directe werknemers, drieduizend in bouwmarkten) ook steeds minder uit wat de klant wil huren. Als Boels het maar mag en kan regelen. Of het nu gaat om het inlijven van de materiaaldienst van een aannemer, of ervoor zorgen dat er volgende week in Amerika een kraan klaarstaat voor een klant. Boels verhuurt steeds vaker bijna alles overal.
Verhuur van gereedschappen en bouwmachines staat in de jaren zeventig in Nederland nog in de kinderschoenen. Het is de tijd van veel kleine ambachtelijke aannemerijen, die elkaar nog wel eens de helpende hand reiken. De vader van Pierre Boels, eveneens aannemer, doet dat ook. Pierre Boels junior: ‘Hij had wat gereedschappen en machines die soms werden uitgeleend. Maar hij kreeg het niet altijd terug, toen is hij er maar huur voor gaan vragen.’
Garageboxen
‘Heel kleinschalig zijn mijn ouders in 1977 vanuit vier garageboxen in Amstenrade (gemeente Schinnen) met verhuur begonnen. Dat liep heel aardig. Mijn vader had wel een probleem: hij kon geen nee zeggen. Voor elke aanvraag die hij niet kon leveren kocht hij machines bij. Dus werden die garageboxen al snel te klein. Na twee jaar verhuisden we naar Industriepark Noord in Sittard. Dat heeft nog heel veel moeite gekost. De gemeenteraad wilde ons daar niet hebben, een verhuurbedrijf vonden ze maar raar. Nu bezitten wij vijftien hectare op datzelfde industrieterrein en zijn we de grootste werkgever.’
Crisis
‘Twee jaar later – onze nieuwbouw in Sittard is net klaar – breekt de crisis uit in Nederland. De rente loopt torenhoog op, tot boven de 15%, mensen kunnen de stijgende rentekosten niet meer dragen. De huizenprijzen zakken in en veel aannemers gaan failliet.’
Amerika
In die moeilijke economische tijd stapt Pierre Boels vanuit de schoolbanken in de zaak. ‘Een collega van mijn vader zei: je moet in Amerika gaan kijken.’ De 18-jarige Limburger grijpt die kans met beide handen aan. ‘Het was voor mij de eerste keer dat ik naar Amerika ging. Ik ging kijken hoe de verhuur daar in elkaar zat, in het land waar verhuur ontwikkeld is. Wat was het grote verschil tussen Nederland en Amerika? Alle Amerikaanse verhuurbedrijven die machines verhuurden, deden ook partyverhuur. Tafels, stoelen, porselein, glaswerk, het was een mix.’
Emigreren
‘Amerika was en is zeer indrukwekkend. Natuurlijk vooral vanwege de grootschaligheid. Hier had je toen geen weidewinkels, dat was daar allemaal al. Alles wat hier later gekomen is, was al in Amerika. Ook de grote lange straten met soms 2500 huisnummers en de prachtige gazons voor die bedrijven. En natuurlijk op elk einde van de straat een McDonald’s, dat vond ik helemaal prachtig. Ik heb laatst nog tegen mijn kinderen gezegd dat toen ik in Amerika was, ik zo onder de indruk van het land was, dat ik daarnaartoe wilde emigreren.’
Partyverhuur
‘We hebben in 1980 het besluit genomen om met partyverhuur te beginnen. Heel kleinschalig. Partyverhuur deed, op één bedrijf in Amsterdam na, niemand. Je kon alleen bij de lokale drankenhandel, als je bier, wijn of iets anders afnam, ook wel enige tafels en stoelen huren.’ Die koersverandering van machines naar horeca kwam niet voor niets op dat moment. ‘Begin jaren tachtig was geen beste tijd voor de bouwwereld, het ging ronduit slecht, ook bij de toeleveranciers. Ik weet nog dat van de vijftig bouwliften er toen veertig werkloos op ons plein stonden.’
Containers uit Amerika
‘We zijn heel fors gaan investeren in partyverhuur. Zeecontainer na zeecontainer met party- en event-equipment uit Amerika laten komen. Dat zijn we toen gaan verhuren.’ En omdat partyverhuur een heel andere marktdynamiek kent dan machineverhuur, groeide het bedrijf ver buiten de gemeentegrenzen. ‘Machineverhuur is lokaal. Met partyverhuur heb je een veel groter bereik, wij konden onze tafels, stoelen, glazen en andere materialen vanuit Sittard naar Amsterdam en Utrecht brengen. We waren altijd onderweg met ons materiaal. Binnen drie jaar waren wij een landelijk opererend verhuurbedrijf.’
Duitsland en België
Niet alleen naar de Randstad rijden de wagens van Boels. Het vanuit Sittard nog dichterbij gelegen Duitsland en België worden ook bediend. Boels opent vestigingen in Brussel en Düsseldorf. ‘Groeipercentages van 40 procent per jaar waren heel normaal.’ Na tien jaar bedraagt de party- en eventtak van Boels 90 procent van de totale omzet. Boels: ‘We konden ook steeds grotere opdrachten aan. Uitzendbureau Randstad vierde het 25-jarig jubileum, nodigde tienduizenden mensen uit. Wij leverden de spulletjes.’
Oorlog
‘Toen brak in 1990 de Golfoorlog uit. We hadden ons eerste dramatische jaar. Tenminste voor ons, de groei was lager dan 10 procent: 9 procent. No double digit! Wat begin jaren tachtig als leuke aanvulling voor onze machineverhuur bedoeld was, was uitgegroeid tot een van de grotere party- en eventverhuurders in Nederland en de buitenlandse regio’s om ons heen. Onze omzet was sterk afhankelijk geworden van business to business events, en die werden vanwege de oorlog steeds vaker afgezegd. Als het slechter gaat met de economie, dan wordt er bezuinigd, maar bij twee zaken grijpt men direct in: bedrijfsfeesten annuleren en minder consultants inhuren. Ik hoop natuurlijk altijd als eerste de consultants. Bedrijfsfeestjes schrappen is dan niet nodig.’ (Lacht)
Recessieproof
‘Door de Golfoorlog merkten wij dat alle sectoren worden beïnvloed door economische omstandigheden.’ Boels neemt direct rigoureuze stappen. ‘Wij stonden op het punt om vestigingen in Parijs, München en Frankfurt te openen. Dat hebben wij toen gecanceld.’ Opnieuw verlegt het bedrijf de koers. ‘Diversificatie van verhuur werd het sleutelwoord. Diversificatie was de oplossing om recessieproof te zijn. Onze omzet is nu verdeeld over een breed scala van specialisaties. Boels is een verhuurgeneralist, maar ageert voor klanten op alle deelgebieden als specialist.’
Diversificatie
‘Vandaag de dag is Boels een verhuurbedrijf dat uit heel veel gespecialiseerde divisies, of zoals wij het noemen profitcenters, bestaat. Wij willen de verhuurspecialist zijn, maar dus niet alleen in een verhuurniche, wij concurreren met gespecialiseerde verhuurbedrijven voor hoogwerkers, aggregaten, partybenodigdheden, containers en toiletten.’ Daarbij kijkt Boels allang niet meer wat het bedrijf zelf in huis heeft. Niet de aanwezige voorraad of historische Boels-markt maar verhuur staat centraal, zegt de aandeelhouder. Het maakt Boels niet uit of het om producten zoals noodkeukens gaat of om het overnemen van de complete materiaaldienst van een bedrijf. ‘Wij kijken of het binnen onze organisatie past, of wij de kennis in huis hebben of dat we die kunnen inkopen. En als we het willen en kunnen, dan ontwikkelen we een concept binnen onze groep om ook die producten in een specialistische omgeving aan onze klanten te kunnen bieden.’
Juiste mensen
Boels stelt dat het nieuwe businessmodel eenvoudig kan groeien en geëxporteerd kan worden naar het buitenland. ‘We kunnen in de breedte door middel van nieuwe vestigingen of in de diepte door middel van nieuwe specialisaties blijven groeien. Er lopen continu onderzoeken naar nieuwe mogelijkheden.’ Pierre Boels: ‘Een kwestie van goed om je heen kijken en de juiste mensen binnenhalen.’
Bouwmarkten
Een voorbeeld van onorthodox denken is de gouden greep van Boels geweest om tien jaar geleden het kleinere ‘equipment’ zoals Boels het noemt (van boormachines tot cementmolens) te gaan verhuren via bouwmarkten. De directe aanleiding is een defensieve. Via via hoort Boels dat bouwmarktketen Praxis een grote verhuurtak wil opzetten voor de aangesloten bouwmarkten. Praxis zou daarmee de tweede bouwmarktketen worden met een eigen verhuur, Gamma was de eerste. Zo veel concurrentie van twee grote ketens wordt Pierre Boels te gortig. ‘If you can’t beat them, join them.’ Oftewel, als je ze niet kunt verslaan, dan moet je met ze samenwerken.
Praxis is eerste
Hij stapt als eerste op Praxis af en biedt aan om de verhuurafdelingen te gaan organiseren en exploiteren. Praxis hapt toe. Ze besluiten tot een test. En die slaagt. Achteraf hoort Pierre Boels dat zijn vrees dat Praxis massaal zou gaan verhuren is gebaseerd op onvolledige informatie. ‘Mijn inkoper zei tegen mij: die jongens bij de Praxis willen de verhuur gaan uitbreiden. Dat heb ik gehoord van een leverancier. Maar dat was helemaal niet waar.’
Probleem
Met het verhuurconcept van Boels in de winkels van Praxis zorgt de ondernemer dat de bouwmarkt de klant extra service kan geven. ‘Ze willen zich onderscheiden op service, niet op een pot Sikkens-verf. Want die hebben ze allemaal.’ Daarbij heeft hij verstand van verhuren en Praxis niet. Boels: ‘Verhuur is niet gemakkelijk. Als een machine kapot ging, hadden ze een probleem. Dan konden ze niet met Bosch bellen: maak hem even. Die machine moesten ze dan opsturen, maar die was dan drie maanden uit de running. Je kunt een machine kopen, dat is gemakkelijk, zeker voor grote bedrijven zoals Hornbach en Gamma. Zij betalen voor de machines dezelfde prijs als wij moeten neertellen. Maar het kopen van zo’n machine vormt maar een klein stukje van de kosten. Het belangrijkste is het beheren en bewaken van kwaliteit, het servicen van equipement, het systeem opzetten, gewoon zorgen dat alles op orde is. Daar heb je mensen voor nodig. Zoals wij.’ Dan wordt Boels een beetje poëtisch: ‘Verhuren is een vak dat wij tot kunst verheffen.’
Meerdere merken
Ook tegen zijn eigen verwachting in groeit de verhuur in bouwmarkten heel hard. ‘De enorme groei is allemaal niet zo gepland. Het was in het begin alleen maar Praxis. Dat had toen zestig filialen. Daarna zijn ze al die ketens gaan oprollen, kochten ze Doe Land erbij en andere bouwmarktketens. Ineens kwam het in een enorme stroomversnelling.’ Ook Gamma, de grote concurrent van Praxis, komt met Boels in aanraking. De bouwmarkten willen niet dat Boels overal onder dezelfde naam boorhamers en ladders verhuurt. Geen nood, Boels verzint een andere naam: Rent Partner. ‘We hebben nog een paar van die namen. We zitten nu overal.’ Hij is erbij gebaat om zo veel mogelijk verhuurbedrijfjes in bouwmarkten te hebben. Hoe meer schaalgrootte, hoe lager de kosten.
Callcenter
Naast de bouwmarkten en de tweehonderd eigen vestigingen van Boels, verhuurt Nederlands grootste verhuurder steeds meer via de telefoon. Boels ziet die telefonische service nog fors verder groeien. Op dit moment werken er ruim veertig medewerkers in het callcenter. Binnen enkele jaren moet dit doorgroeien naar zeker honderdvijftig. Het Customer Care Center (CCC), zoals Boels de sterk expanderende organisatie noemt, verricht sterk uiteenlopende werkzaamheden. Voor grote nationale spelers heeft Boels bijvoorbeeld speciale klantenteams die alle aanvragen van die klanten behartigen. Die hoeven dan niet meer naar de individuele vestigingen te bellen. De afdeling OneCall verhuurt alles wat Boels niet zelf in het assortiment heeft. ‘Wij leveren alles wat de klant nodig heeft, van auto’s, hotelaccommodatie tot kranen. Als het nodig is, regelen we ook een kraan in de Verenigde Staten. Zo regelen we bijvoorbeeld alle huuractiviteiten voor de organisatie die de Formule 1-races wereldwijd organiseert.’
Materiaaldienst
Het verhuurbedrijf gaat nog verder. ‘Wij zijn nu ook bezig om onze mensen bij de klant in huis te plaatsen. Als eerste gaan we bij grote aannemers onze mensen neerzetten. Die hebben binnen dat bedrijf, en natuurlijk ook naar ons toe, heel korte lijnen. Daardoor wordt de materiaalbehoefte kostenefficiënt gecoördineerd. Prijzen staan vast, het enige wat gedaan moet worden is de beschikbaarheid coördineren. Het kan erop neerkomen dat wij de materiaaldienst van een klant overnemen.’
Duizend details
Boels verandert zo per dag. Omdat er nieuwe mensen bij komen en omdat de onderneming steeds zoekt naar nieuwe producten en diensten. Pierre Boels is daarom constant op zoek naar nieuwe ideeën. ‘Ik zoek altijd naar voorbeelden. Naar iemand die het beter doet.’ Niet zomaar. ‘Mijn bedrijf bestaat uit duizend details. Hoe noemen de Amerikanen dat? Het gaat niet om één homerun, maar om duizend singles. Daar win je het seizoen mee.’ Boels is niet geniaal. ‘Het concept met de bouwmarkten heb ik zelf verzonnen. Maar de rest heb ik gekopieerd. Beter goed gestolen dan slecht uitgevonden.’
Vies gezicht
Ook gokt hij wel eens verkeerd. Hij wilde eigenlijk niet in de verhuur van chemische toiletten. ‘Ik wilde daar niet in actief zijn, terwijl mijn klanten wel zo’n ding nodig hadden. Wat gebeurt er? Een van mijn concurrenten begint ermee: Bo-rent. Ik schrok behoorlijk. Want ik dacht: nu hebben zij een product to market dat ik niet heb. Zij kunnen naar de klant gaan met een product dat een klant per se nodig heeft.’ Op zo’n moment kan Boels snel schakelen, mede omdat hij zelf DGA (directeur-grootaandeelhouder, gc) is. ‘We hebben binnen drie maanden ook zo’n bedrijf gekocht. Ik ben nu apetrots als ik die dingen zie.’
Concurrentie
De sterke groei van Boels is niet onopgemerkt gebleven. Boels: ‘De concurrentie is niet in slaap gevallen. Die groeit ook. Niet zo hard natuurlijk.’ (Lacht) Hij wijst op het private equity-bedrijf H2, bekend als eigenaar van onder meer Kip Caravans. Die onderneming is bezig om in Nederland lokale verhuurbedrijven over te nemen. Ze hebben er nu 45. ‘Een aantal daarvan hebben ze er voor mijn neus weggekaapt.’ Bo-rent met 60 vestigingen is een andere concurrent. In het buitenland zijn nog veel grotere verhuurbedrijven. Boels: ‘Wij horen bij de 25 grootste verhuurbedrijven in Europa. Hiervan zijn er vier niet beursgenoteerd of eigendom van investeringsmaatschappijen. De drie andere familiebedrijven naast ons zijn Franse bedrijven. Waarom zijn er zo weinig familiebedrijven in die top 25 vertegenwoordigd? Onze branche is nu eenmaal sterk kapitaalintensief. Een voorbeeld, in de afgelopen twee jaar hebben wij € 220 miljoen geïnvesteerd.’
Hoe ziet Boels eruit in 2018?
‘Dat weet ik niet.’
Groter dan nu?
‘Ik kan niet verder kijken dan een jaar. Ik zeg wel dat het de bedoeling is dat we minimaal elke vijf jaar verdubbelen.’
Boels van Spanje tot Zweden?
‘Groeikansen zie ik eerder in de Oost-Europese landen, zoals Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije en Roemenië. In enkele zijn we ook al actief. Daar zit in elk geval de economische groei. En met onze shop-in-shopformule kijken we wel naar Zuid-Europa en Scandinavië.’ Kredietcrisis of niet, Boels wil doorgroeien. ‘In goede en slechte tijden, is mijn filosofie. Als het economisch slechter gaat, trappen veel ondernemers op de rem, maar juist dan liggen er kansen.’ Wel merkt Boels dat de huidige financiële crisis het lastiger maakt om leningen voor nieuwe investeringen af te sluiten. ‘En je moet ook nog eens meer betalen.’
Blijft het bedrijf in de handen van de familie? Of wilt u het verkopen?
‘Ik heb veel passie die ik hierin kwijt kan. Ik ben niet met verkoop bezig. Overigens worden wij wel daarvoor benaderd. Ik zou het jammer vinden om me aan te sluiten bij een beursgenoteerde speler, dat is niet mijn spel.’
Uit het boek 'Limburgse Toppers, Ondernemers met lef!', door Gerrie Coerts (2008)





Facebook
LinkedIn




